we dichten

Just another WordPress.com site

Archive for the ‘proza’ Category

Zij is dood, de liefde

leave a comment »

Zij is dood, de liefde, maar
ik vlam. Ik keer de splinsters van onze nacht tezamen in de hoek van de keuken. Lege blikken tomatensap. In de badkamer een bad dat nog vol met water staat. De bubbels knisperen nog, wanneer ik met mijn vingers langs het water strijk. Ik overweeg om in het bad te stappen – laat het omwille van de koude en de overbodige dramatiek. Vannacht dansten wij. Eens thuisgekomen schopte ik mijn schoenen uit en legde mijn natte sokken op de nog brandende chauffage. Ik zette me in de zetel en keek naar mijn voeten, verrimpeld, en overwoog je te vragen of ik je met mijn zachte, vochtige tenen mocht aaien, langs je wang – liet het. Ik bleef stil en voelde zelf aan mijn donzige tenen.

Je zei iets over het glas, ik mompelde morgen. Na een kwartier of zo zette je je. Statisch zat naast je. Je dacht aan al die keren dat wij hier zaten, meestal stil, vaak om te bekomen van een nacht. Dan flitsten er beelden door je hoofd – nachtelijke klinkers waarvan je dacht dat die allang vervlogen waren, of consonanten die je je dan pas voor het eerst voor de geest kon halen. Met een schijnbare nonchalance legde ik mijn hand op je been – ik voelde het opspannen en liet het gaan.

Het is al te laat. Als ik acht uur slaap, dan is het alweer donker buiten, denk ik. Ik zucht: “Winter.” Nadat ik de scherven heb opgekeerd, opzijgeschoven bij de ijskast, net daar, waar ik ze nog kan zien, dweil ik. Daarna eet ik toast met kaas en ei en zie de schemering al komen.

Written by alineremes

January 20, 2012 at 7:55 pm

Posted in proza